Samenvatting
Binnen de verschillende faculteiten van de Hogeschool van Amsterdam zijn excellentietrajecten ontwikkeld en geïmplementeerd. Een centraal ontwikkeld intentioneel curriculum voor excellentie fungeerde daarbij als referentiekader voor ontwikkelaars bij het maken van keuzes omtrent vorm en inhoud. In het monitoronderzoek waarvan in dit artikel verslag wordt gedaan zijn de geschreven curricula van 30 honoursprogramma’s geanalyseerd met als doel aanbevelingen
te doen voor het aanpassen van het intentionele curriculum. De volgende onderzoeksvraag stond centraal: In welke mate en op welke aspecten is het instellingsbrede intentionele curriculum terug te vinden in de uitwerking van specifieke excellentieprogramma’s bij de verschillende opleidingen? De uitkomsten laten zien dat centrale sturing in ieder geval heeft geleid tot een zekere mate van transparantie voor wat betreft de algemene doelstellingen die worden nagestreefd. Tegelijkertijd heeft het intentionele curriculum op faculteitsniveau niet altijd geresulteerd in eenduidige selectiecriteria, keuze voor vormen van talentontwikkeling, leeractiviteiten, docentrollen en beoordelingsmethodieken. Deels hangt dit samen met het ontbreken van een onderliggende visie op leren in de excellentieprogramma´s. Op grond van de resultaten wordt nader ingegaan op de vraag aan welke eisen een hogeschoolbreed intentioneel curriculum moet voldoen voor het realiseren van
een werkbare centrale sturing.
te doen voor het aanpassen van het intentionele curriculum. De volgende onderzoeksvraag stond centraal: In welke mate en op welke aspecten is het instellingsbrede intentionele curriculum terug te vinden in de uitwerking van specifieke excellentieprogramma’s bij de verschillende opleidingen? De uitkomsten laten zien dat centrale sturing in ieder geval heeft geleid tot een zekere mate van transparantie voor wat betreft de algemene doelstellingen die worden nagestreefd. Tegelijkertijd heeft het intentionele curriculum op faculteitsniveau niet altijd geresulteerd in eenduidige selectiecriteria, keuze voor vormen van talentontwikkeling, leeractiviteiten, docentrollen en beoordelingsmethodieken. Deels hangt dit samen met het ontbreken van een onderliggende visie op leren in de excellentieprogramma´s. Op grond van de resultaten wordt nader ingegaan op de vraag aan welke eisen een hogeschoolbreed intentioneel curriculum moet voldoen voor het realiseren van
een werkbare centrale sturing.
| Originele taal-2 | Dutch |
|---|---|
| Pagina's (van-tot) | 22-40 |
| Aantal pagina's | 19 |
| Tijdschrift | Tijdschrift voor hoger onderwijs |
| Volume | 34 |
| Nummer van het tijdschrift | 3 |
| Status | Published - 2016 |
| Extern gepubliceerd | Ja |
Keywords
- curriculumontwikkeling
- hoger onderwijs
- honnourssprogramma's
-
Are more able students in higher education less easy to satisfy?
Griffioen, D. M. E., Doppenberg, J. J. & Oostdam, R. J., 4 sep. 2017, In: Higher Education. 75, 5, blz. 891-907 17 blz.Onderzoeksoutput: Article › Academic › peer review
-
Organisational influence on lecturers’ perceptions and behaviour towards change in education
Griffioen, D. M. E., Doppenberg, J. J. & Oostdam, R. J., 13 feb. 2017, In: Studies in Higher Education. 43, 11, blz. 1810-1822 13 blz.Onderzoeksoutput: Article › Academic › peer review
-
Een typologie van excellentieprogramma’s voor het hoger beroepsonderwijs
Doppenberg, J., Griffioen, D. M. E. & Oostdam, R. J., 2016, In: Tijdschrift voor hoger onderwijs. 34, 3, blz. 41-57 17 blz.Onderzoeksoutput: Article › Professional
Open AccessBestand
Citeer dit
- APA
- Author
- BIBTEX
- Harvard
- Standard
- RIS
- Vancouver