Werken aan perspectief

Louis Polstra, Marjet van Houten

Research output: Chapter in Book/Report/Conference proceedingChapterProfessional

51 Downloads (Pure)

Abstract

Van oudsher is sociale activering een instrument om mensen die in een sociaal isolement leven of dreigen te raken meer bij de maatschappij te betrekken, zoals buurgerichte sociale activering of arbeid- en dagbestedingscentra van de ggz. De laatste twintig jaar wordt sociale activering ook ingezet om de maatschappelijke participatie van mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt te vergroten. Sindsdien bevindt sociale activering zich op het snijvlak van 'werk en inkomen’ en welzijnswerk. Na invoering van de Wet werk en bijstand hebben gemeenten een enorme beleidsruimte gekregen. Elke gemeente kon daarbij zijn eigen bandbreedte bepalen: sociale activering alleen als instrument voor toeleiding naar de arbeidsmarkt en/of sociale activering gericht op het bestrijden van sociale uitsluiting en het bevorderen van sociale cohesie. Hierdoor bestaan er vele varianten van sociale activering. De bandbreedte bemoeilijkt de discussie wie moet betalen: welzijn of sociale dienst. Wordt sociale activering breed opgevat dan is integraal beleid op zijn plaats. Andere vraagstukken waar gemeenten zich voor geplaatst zien zijn: kiezen voor de kwetsbare werkzoekende of de kansrijken. Moet sociale activering verplicht worden gesteld of is deelname vrijwillig? Elke gemeente zal voor zichzelf de keuze moeten maken. Daarbij is het van belang een sociaal activeringsbeleid te voeren dat de krachten van de burger en van diens sociale omgeving moeten vrij maakt. De beperkte middelen maken het niet meer mogelijk om vóór iemand iets te doen, maar dwingen af dat er samen iets gedaan moet worden.
Original languageDutch
Title of host publicationParticipatie ontward
Subtitle of host publicationvormen van participatie uitgelicht
PublisherMovisie
Pages105-117
ISBN (Print)97 89 08 86 90 549
Publication statusPublished - 2010

Cite this

Polstra, L., & van Houten, M. (2010). Werken aan perspectief. In Participatie ontward: vormen van participatie uitgelicht (pp. 105-117). Movisie.
Polstra, Louis ; van Houten, Marjet. / Werken aan perspectief. Participatie ontward: vormen van participatie uitgelicht. Movisie, 2010. pp. 105-117
@inbook{c8744e04986b4dfbb2126c656c9c6849,
title = "Werken aan perspectief",
abstract = "Van oudsher is sociale activering een instrument om mensen die in een sociaal isolement leven of dreigen te raken meer bij de maatschappij te betrekken, zoals buurgerichte sociale activering of arbeid- en dagbestedingscentra van de ggz. De laatste twintig jaar wordt sociale activering ook ingezet om de maatschappelijke participatie van mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt te vergroten. Sindsdien bevindt sociale activering zich op het snijvlak van 'werk en inkomen’ en welzijnswerk. Na invoering van de Wet werk en bijstand hebben gemeenten een enorme beleidsruimte gekregen. Elke gemeente kon daarbij zijn eigen bandbreedte bepalen: sociale activering alleen als instrument voor toeleiding naar de arbeidsmarkt en/of sociale activering gericht op het bestrijden van sociale uitsluiting en het bevorderen van sociale cohesie. Hierdoor bestaan er vele varianten van sociale activering. De bandbreedte bemoeilijkt de discussie wie moet betalen: welzijn of sociale dienst. Wordt sociale activering breed opgevat dan is integraal beleid op zijn plaats. Andere vraagstukken waar gemeenten zich voor geplaatst zien zijn: kiezen voor de kwetsbare werkzoekende of de kansrijken. Moet sociale activering verplicht worden gesteld of is deelname vrijwillig? Elke gemeente zal voor zichzelf de keuze moeten maken. Daarbij is het van belang een sociaal activeringsbeleid te voeren dat de krachten van de burger en van diens sociale omgeving moeten vrij maakt. De beperkte middelen maken het niet meer mogelijk om v{\'o}{\'o}r iemand iets te doen, maar dwingen af dat er samen iets gedaan moet worden.",
keywords = "wet werk en bijstand, sociale zekerheid, arbeidsparticipatie, werkgelegenheid",
author = "Louis Polstra and {van Houten}, Marjet",
year = "2010",
language = "Dutch",
isbn = "97 89 08 86 90 549",
pages = "105--117",
booktitle = "Participatie ontward",
publisher = "Movisie",

}

Polstra, L & van Houten, M 2010, Werken aan perspectief. in Participatie ontward: vormen van participatie uitgelicht. Movisie, pp. 105-117.

Werken aan perspectief. / Polstra, Louis; van Houten, Marjet.

Participatie ontward: vormen van participatie uitgelicht. Movisie, 2010. p. 105-117.

Research output: Chapter in Book/Report/Conference proceedingChapterProfessional

TY - CHAP

T1 - Werken aan perspectief

AU - Polstra, Louis

AU - van Houten, Marjet

PY - 2010

Y1 - 2010

N2 - Van oudsher is sociale activering een instrument om mensen die in een sociaal isolement leven of dreigen te raken meer bij de maatschappij te betrekken, zoals buurgerichte sociale activering of arbeid- en dagbestedingscentra van de ggz. De laatste twintig jaar wordt sociale activering ook ingezet om de maatschappelijke participatie van mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt te vergroten. Sindsdien bevindt sociale activering zich op het snijvlak van 'werk en inkomen’ en welzijnswerk. Na invoering van de Wet werk en bijstand hebben gemeenten een enorme beleidsruimte gekregen. Elke gemeente kon daarbij zijn eigen bandbreedte bepalen: sociale activering alleen als instrument voor toeleiding naar de arbeidsmarkt en/of sociale activering gericht op het bestrijden van sociale uitsluiting en het bevorderen van sociale cohesie. Hierdoor bestaan er vele varianten van sociale activering. De bandbreedte bemoeilijkt de discussie wie moet betalen: welzijn of sociale dienst. Wordt sociale activering breed opgevat dan is integraal beleid op zijn plaats. Andere vraagstukken waar gemeenten zich voor geplaatst zien zijn: kiezen voor de kwetsbare werkzoekende of de kansrijken. Moet sociale activering verplicht worden gesteld of is deelname vrijwillig? Elke gemeente zal voor zichzelf de keuze moeten maken. Daarbij is het van belang een sociaal activeringsbeleid te voeren dat de krachten van de burger en van diens sociale omgeving moeten vrij maakt. De beperkte middelen maken het niet meer mogelijk om vóór iemand iets te doen, maar dwingen af dat er samen iets gedaan moet worden.

AB - Van oudsher is sociale activering een instrument om mensen die in een sociaal isolement leven of dreigen te raken meer bij de maatschappij te betrekken, zoals buurgerichte sociale activering of arbeid- en dagbestedingscentra van de ggz. De laatste twintig jaar wordt sociale activering ook ingezet om de maatschappelijke participatie van mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt te vergroten. Sindsdien bevindt sociale activering zich op het snijvlak van 'werk en inkomen’ en welzijnswerk. Na invoering van de Wet werk en bijstand hebben gemeenten een enorme beleidsruimte gekregen. Elke gemeente kon daarbij zijn eigen bandbreedte bepalen: sociale activering alleen als instrument voor toeleiding naar de arbeidsmarkt en/of sociale activering gericht op het bestrijden van sociale uitsluiting en het bevorderen van sociale cohesie. Hierdoor bestaan er vele varianten van sociale activering. De bandbreedte bemoeilijkt de discussie wie moet betalen: welzijn of sociale dienst. Wordt sociale activering breed opgevat dan is integraal beleid op zijn plaats. Andere vraagstukken waar gemeenten zich voor geplaatst zien zijn: kiezen voor de kwetsbare werkzoekende of de kansrijken. Moet sociale activering verplicht worden gesteld of is deelname vrijwillig? Elke gemeente zal voor zichzelf de keuze moeten maken. Daarbij is het van belang een sociaal activeringsbeleid te voeren dat de krachten van de burger en van diens sociale omgeving moeten vrij maakt. De beperkte middelen maken het niet meer mogelijk om vóór iemand iets te doen, maar dwingen af dat er samen iets gedaan moet worden.

KW - wet werk en bijstand

KW - sociale zekerheid

KW - arbeidsparticipatie

KW - werkgelegenheid

M3 - Chapter

SN - 97 89 08 86 90 549

SP - 105

EP - 117

BT - Participatie ontward

PB - Movisie

ER -

Polstra L, van Houten M. Werken aan perspectief. In Participatie ontward: vormen van participatie uitgelicht. Movisie. 2010. p. 105-117